Over the borderline
Ook voor zichzelf is ze onbespreekbaar.
Haar mond is een gat in haar lijf.
Als haar tong beweegt, wordt ze verstikt.
Maar als ze schreeuwt, keert ze terug tot zichzelf,
tot onaanraakbaar eigen, verpopt in draaibare ogen.
Dan wordt ze meisje, of baby, en drijft ze
iedereen op afstand, verzwolgen door paniek
en dreigend met ontreddering. Schoppend
en spartelend - dan wordt zelfs de tijd een gat.
Dat zichzelf binnenlaat en woordloos ophaalt,
met alle verschrikking vandien - van pure energie.
Dan is ze even machtig, en kwetsbaar. Aanwezig,
en niet onderbreekbaar. Dat vergeet ze dan, heel snel.
En de schaamte verbiedt haar eens te meer het woord.
(13.12.04)
Creative Commons :: Some rights reserved :: BY/NC/SA :: Biezon (1972-2011)

