Abonneren, delen, bewaren

Later, als ik groot ben,
als jij ouder bent, en minder mooi,
dan zal ik het jou zeggen:
“Ik heb geweend voor jou, dag en nacht dat ik weende,
dat ik mijn tranen verborg. Dat ik mijn dagen verstelde,
en mijn ogen verborg voor het licht.
Ja, ik heb verlangd naar jou,
maar ik ben jou ontvlucht,
ik heb mezelf deze stilte bespaard,
dit tederste verschuilen in de schoot van een verlangen.
Jouw eer heb ik gered, en jouw stilte verdaagd naar
de scheuren van een niet bezworen leed.”
Ach, en hoe ik nu mijn lippen verbijt,
en mijn ogen van mij afruk.
Hoe ik de stilte haat en vervloek,
mezelf verwijs naar de verste zuil van de tijd.
En hoe ik jou verneder,
waar ik stotter, en mij neerbuig,
mezelf verberg in nooit voltooide reacties.
De stilte die ik jou toemeet,
is de zekerheid dat ik jou niet bereik,
dat ik geen verlangen bevredig,
of het moet verboden zijn, en begraven,
waar niemand de taal en de sleutel van kent.

De angst die ik bemeester, is de afgrond van dit zwijgen.
En in die stilte duizel ik,
verga ik van begeerte.
Die eerste keer toen, dat je mij vertederde,
en mijn adem stal waar ik stikte.
Hoe ik weergaloos vermagerde,
in aanstaande verwachting.
En de stilte, die herhaalt zich,
met de snelheid van een valbeweging,
en messen die ontzenuwd zijn.
Waar jij mij oplaadt, en de zwaartekracht onteert.

Begrijp je het, dat ik op je wacht?
Dring je tot mij door
waar ik lichaam ben
en wil vrijen op de noen,
of in het stadspark.
Op de trein, of bij de mazen van het net.

(15.10.96)

 

 

 

 

||||| Abonneren, delen, opslaan