Abonneren, delen, bewaren

Geluksdrempel

Nooit heb ik verlangen gekend.  Of opwinding.
Of ze ging aan mij voorbij, nog voor ik ze betrad.
Misschien moet ik nog toekomen, in dat lichaam
dat mij prijsgaf, dat lichaam dat mij vallend ontketende.

Misschien moet ik nog toekomen,
in het lichaam dat mij meester was,
dat zich onttrok aan mijn gedachten,
dat mij louter wiegend openbrak.

Dit lichaam dat mij brak, dat mij ontgroeid is,
dat mij ontschoot, dat mij verliet waar ik genoot.
Misschien moet ik leren kijken, en leren voelen,
en voelen waar ik dacht, maar onverwacht dan, en niet gewild.

Wat heb ik dan van jou verwacht?
Waar heb ik mezelf in mijn wil verlegd?
In de maalstroom van je bekken,
schrok ik van mijn onbeholpen vrees.

En met toegeknepen ogen, met een wijdopen maag,
verdrong ik mijn genot naar een onbekende aardlaag.
En ik schonk jou een penis, torenhoog getorst,
zelfgenoegzaam klaarkomend in de etterende buil van mijn hoofd.

Maar ik heb aan jou gedacht.  En denk nog steeds aan jou.
Met spijt, omdat dit lichaam zich zonder jou bedruipte.
Liefde is een oud en werkzaam zeer,
dat mij met meer en meer gemak ontvalt.

In de stilte van dit woord vermoed ik een geheime kluis.
En daarin zal ik leven, waar de code mij ontbreekt.
Met toenemend gezag ontmand,
en zonder zorgen, de haren van mijn dagen strelend.

Zoals ooit, ik in jouw tuin mijn ogen van jou aftrok
en begroef met een condoom.  Daar lig ik dan,
op jouw kast, verdroogd, verschaald,
vergeeld, tussen murmelend plastiek.

Je hebt mij dodelijk onthaald, op een nooit ontwarde strop.
En je lacht, en je liegt, en je zegt:  “Het is zo leeg tussen ons.”
En die leegte is de vrijheid die ik aantrok in jouw schoot.
Want nooit heb ik de vrijheid in jouw schoot erkend.

(25.07.96)

 

 

 

 

||||| Abonneren, delen, opslaan