Abonneren, delen, bewaren

Klemtijd

Het mes staat op mijn keel.
Mijn keel is geslepen goud.

Het goud is gestolen, de eerste schreeuw geteld.
Mijn adem stokt, de stilte voorbij.

Voorbij de stilte schreeuwen enkel pijn.
En de grote angst, blijft achter,

geeuwt, is spoorloos verdwenen.
Behalve dan, zolang mijn ogen kijken.

En ze kijken, dwars, doorheen.
Maar onherkend, onbemind.

Steeds weer ontstaat de tijd,
zonder geheugen, zonder getuigen.

De tijd verslaat mijn bitterheid.
En de eeuwigheid - is zij dan nog van tel? - kent geen genade.

Zij heeft haar afspraak vergeten.
Spijtig, want ik kom tijd tekort.

(Ook de tijd heeft mijn woord gekortwiekt.)
Het bloed is lauw, en warm, en heet.

(01.07.96)

 

 

 

 

||||| Abonneren, delen, opslaan