Nachtwacht
Wachten tot het donker wordt,
om 's nachts te kunnen werken.
Veel te moe om nog te schrijven.
Veel te moe om nog te denken.
Zoals ook dan de herinnering beter vergaat,
getooid met nog meer schoonheid.
(Het is niet alles goud dat blinkt.
Maar de meeste doden zijn geschminkt.)
Ach, ik denk buiten mijn gedachten om.
En van verveling loop ik over, van geduld.
Het is vreemd te moeten wachten
waar iedereen geen tijd heeft.
Het verstand neemt toe, en de lust neemt af.
(En zo wordt ook de dag verzameld.) (Schrijven kent zijn risico's.)
In de adem die ik opschrijf, schuilt mijn leven dat ik opdrijf.
Alsof mijn leven ervan afhangt, en sneller dan de tijd vergaat.
De tijd is een hele grote meneer.
En ook zonder regels sterft de aarde wel.
Ook zij is op zoek naar een baantje. En de zon?
Of ook zij misschien leert hoe ze moet schijnen?
(22.07.96)
Creative Commons :: Some rights reserved :: BY/NC/SA :: Biezon (1972-2011)

