Rusteloosheid
Ik kan zomaar niet tevreden zijn.
Ik moet kunnen leeglopen.
Mijn leven vervatten,
in vormen die mensen vervullen.
Ik moet kunnen niets doen.
Ik moet kunnen verdwalen.
Ik moet mezelf kunnen oprichten:
in de vloedlijn van mijn droomkoorts.
Alles wat bestaat, moet voor mij bestaan in taal.
Alles wat bestaat, moet de taal (die niet bestaat) verjagen.
Want alles wat bestaat, staat elders,
ongeschreven, in de wetten van onzeker bloed.
Ik kan zomaar niet leven.
Ik kan zomaar niet wennen:
aan een leven dat dit bloed negeert.
Ik moet mezelf kunnen erkennen: in alles wat de taal mij leert.
(29.08.02)
Creative Commons :: Some rights reserved :: BY/NC/SA :: Biezon (1972-2011)

