Wereldloos
Nergens heb ik gewoond.
Want overal de liefde.
En nergens is de dood.
De dood heeft mij bevangen.
Want overal de dood.
De dood is geld op zich.
Nergens heb ik gewoond.
Want overal mezelf.
En overal de oproep tot mezelf.
En zelf vraag ik vergeving:
aan de bloedende mond van de aarde.
Haar bliksems zijn mijn huig.
(30.08.02)
Creative Commons :: Some rights reserved :: BY/NC/SA :: Biezon (1972-2011)

