Oecumene
Mijn lichaam en jouw lichaam…
Beknot en gesteven,
zwanger van taal,
maar vruchtbaar blind.
In jouw naam staat mijn hoop geschreven,
in mijn hoofd sluipt jouw vuur,
op stenen knoken lopen wij.
Want jouw toegang is versperd
en ik, ik hijg van ouderdom.
En daartussen zijn wij klein geweest,
gestorven in de adem, het bulderend orakel van de voorganger.
Zijn wij niet geweest?
Of een speld in hun verlangen,
overdonderd met een hooiberg.
En nu, nu wenen wij,
en schrijven wij, en zijn wij wereldberoemd.
Maar zij zullen het nooit weten.
Mijn lichaam en jouw lichaam…
Wij zijn in elkaar begraven,
als spiegels van een oogopslag,
als scherven van een moment.
En zij, zij willen het niet weten.
(03.06.95)
Creative Commons :: Some rights reserved :: BY/NC/SA :: Biezon (1972-2011)

