Registreren
Bang en angstig rillend schuw.
Verschrikt door zoveel onverwacht geweld.
Elke traan staat klaar, wordt doorgeslikt,
weent verder. Zonder ogen, zonder zout,
in mijn bloed. Dat stil staat, niet vergaat
of niet verrijst, maar weerloos uitgesproken starend.
Hier thuis wordt elke traan een vloek,
een schreeuw die de stilte niet bereikt.
Hier thuis wordt elke hap een beet,
van honger, van gulzigheid, van geilheid.
Het is een ijdele illusie: dat ik zonder woorden
kan leven, zonder hoop en zelfs geen wanhoop.
Louter de stilte van mijn dagen,
louter mijn innerlijk - zijn commentaar.
Afwezig als getuige, aanwezig als waarnemer:
elk beeld draag ik in mij, en ik verscheep het,
naar een latere taal. Elk gevoel stel ik uit,
de gedachte bereikt mij, maar ik bereik haar vorm niet.
Zo word ik: het brandende brandpunt,
de zenuw die huiverend blootligt.
Mikpunt van kwaad, raster van kwaad,
vloek en zegen en teken: van het naderende onheil.
Het leven gebeurt in de vorm van ons lichaam.
Maar de simpelheid wordt onmacht, het lichaam wordt kerker.
(11.04.97)
Creative Commons :: Some rights reserved :: BY/NC/SA :: Biezon (1972-2011)

