Millenarisme
En wie mij opvolgt heeft geen naam.
Dan moeder, of godin.
En technisch, vruchtbaar, sensueel.
En daartussen staat mijn vader.
Naakt. Teder. Vereerd.
Wie mij opvolgt heeft geen naam,
maar sticht een duizendjarig rijk.
Ik salueer. Onschuldig.
Met formules in mijn hoofd,
en een harem aan mijn buik.
En aan de poten van mijn bed
hoor ik mijn kind, mijn schaterlach,
mijn zegen zonder naam.
Is dat geen toekomst? Geen actueel verleden?
(18.05.95)
Creative Commons :: Some rights reserved :: BY/NC/SA :: Biezon (1972-2011)

