Bookmark and Share

Kasteelvrouw

Het is vooral de goesting,
die in mijn broek blijft hangen.
Zo denk ik aan haar,
en blijft haar poep het hete brood waarin ik gaatjes pulk.
Zo span ik haar ranke wervels uit,
over de witte nacht, over de zwarte bomen, over het natte gras.
Haar schouders zijn schelpen waar ik rond stap.
Zo breekbaar is haar houding,
zo fier tekent zij geestelijke kaarten.
Om toe te komen, in deze wereld.
Om toe te komen, in haar lichaam,
dat verbannen werd uit onbegrip.
Zo voel ik mij, hulpeloos, als virtuele vader,
voor schut gezet door haar verstikt geweld.
Haar dapperheid keelt mij.
Haar stijl ontroert mij.
Haar landing wordt nu afgeroepen,
ter hoogte van mijn lies.

 

 

 

 

||||| Abonneren, delen, opslaan